Homepagina Kruiden

De kruidenkwekerij

Tuin en keuken kruiden assortiment

Kweken van kruiden

Oogst van verse kruiden

Onderzoek tbv kruiden teelt

Kruiden nieuwe ontwikkelingen 2010

Kruiden nieuwe ontwikkelingen 2011

Contact

Verkoop kruiden

Samenwerking kwekers tuin en keuken kruiden

Risico inventarisatie en evaluatie mbt verse kruiden

Diverse, aparte tuin en keuken kruiden

Linken naar andere kruiden pagina's
Ziekten en plagen in kruiden

 

Risico Inventarisatie en Evaluatie kruiden teelt m.b.t. voedselveiligheid

Deel 1: Gewasbeschermingsplan

 

 

 

Iedereen die in Nederland gewasbeschermingsmiddelen gebruikt (beroepsmatig) is verplicht een zogenaamd gewasbeschermingsplan op te stellen en daarnaast het gebruik van middelen te registreren.

Gewasbeschermingsplan 2010. (1, 2)

Bedrijf

Hendrickx – Driessen Tuinkruiden

Adres

Grubbenvorsterweg 32A

Postcode

5973 NB Lottum

Gewas

Kruiden, verse tuin en keuken kruiden

 

Inleiding.

De filosofie van ons bedrijf gaat uit van een maximale werkzaamheid van Moeder Natuur. Door mee te werken i.p.v. tegen zijn vele ziekten en plagen te voorkomen. Dit vormt de basis van het gewasbeschermingsplan.

Daarbij heeft voedselveiligheid onze hoogste aandacht. Wij zijn van mening dat dit gewasbeschermingsplan de voedselveiligheid meer dan voldoende waarborgt.

In dit plan leest u in beknopte vorm de maatregelen die wij nemen op onze kruidenkwekerij. Verder op de site zijn de onderwerpen uitgewerkt, dan wel worden deze bijgewerkt.

(1) Zie bijlage I klik hier, tekst overheid:   

(2) Dit gewasbeschermingsplan is samengesteld uit het door Saweco ter beschikking gestelde document, daarbij aangevuld met documenten verkrijgbaar op het web. Relevante zaken m.b.t. kruiden kweken zijn hier aan toegevoegd.

Inhoud:

§          1                       Preventie, klik hier

1.1                    Grond gebonden ziekten / plagen

1.2                    Uitgangsmateriaal

1.3                    Rassenkeuze kruiden

1.4                    Bedrijfshygiënische maatregelen o.a. m.b.t. de oogst van kruiden

1.5                   Aaltjesbeheersing- en bestrijding

1.6                   Vruchtwisseling en bemesting in kruiden, besmetting Salmonella.

§           2                       Noodzaak bestrijding, klik hier

2.1                   Inleiding bestrijding, overgang tussen preventie en bestrijding.

2.2                   Historie perceel.

2.3                   Onkruiddruk

2.4                   Bodemstructuur en bemestingsniveau

2.5                   Gewasinspectie           

2.6                   Beslissingsondersteunende maatregelen

§           3                       Inzet (biologische) gewasbeschermingsmiddelen, klik hier

3.1                   Kennisgeving hulpstoffen

3.2                   (bodem) Herbiciden

3.3                   Insecticiden in de kruidenteelt

3.4                   Fungiciden in de kruidenteelt

3.5                   Biologische middelen en teelttechnieken in de kruidenteelt

§          4                      Best beschikbare technieken en emissiereducerende maatregelen, klik hier

4.1                   Inleiding

4.2                   BBT en emissiereducerende maatregelen

§          5                      Registratie gewasbeschermingsmiddelen, klik hier

 

§ 1 Preventie

 

1.1 Grond gebonden ziekten / plagen              Preventieve maatregelen

X

Aaltjes

Teelten Tagetes en Nemat, een Zwaardherik, die zeer goed op tal van aaltjes werkt.

 

Aardrupsen

 

X

Bodemschimmels

Inzet bacterie-preparaten om gezond bodemleven te stimuleren.

 

Emelten

 

 

Engerlingen

 

X

Fusarium

In Basilicum (3), zeer ruime vruchtwisseling

X

Rhizoctonia

Voorteelten van Brassica-soorten die een hoog glucosinolaatgehalte hebben. Met name in de kruiden Dille, Kervel en Koriander.

X

Slakken

Soms in Munt, vogels moeten het werk doen

X

Peterselieziekte

Soms in het kruid Dille, ruime vruchtwisseling

X

Knolvoet

Soms in Rucola, ruime vruchtwisseling

X

Sclerotinia

Kan probleem zijn, bio-aanpak met Sentry R (4)

X

Phytium

Voorteelten van Brassica-soorten die een hoog glucosinolaatgehalte hebben.

 

 

 

(3) Basilicum is bij ons een mineure teelt. Fusariumproblemen zijn nagenoeg uitgesloten doordat vruchtwisseling makkelijk plaats kan vinden.

(4) Sentry R is een biologisch middel. Sentry R is toegestaan in de kweek van kruiden. Sentry R bevat een geconcentreerd in water oplosbaar extract van Polygonum sachalinense en verhoogt de natuurlijke weerstand tegen aantastingen: http://www.planthealthcare.eu/files/productdatasheets/Sentry%20R.pdf

1.2 Uitgangsmateriaal                      i.v.m. achteruitgang kiemkracht wordt zaadgoed nooit ontsmet

X

NAK gekeurd

Nederlands zaad o.a. Koriander

X

Buitenland gekeurd

Duits zaad o.a. Kervel en Dille

X

Niet gekeurd

Eigen zaad, Rucola (5)

X

Plantgoed

Eigen selectie stekken en worteluitlopers

(5) Het betreft hier een voormalig Zwitserse selectie die niet meer in de handel verkrijgbaar is.

1.3 Rassenkeuze kruiden                             Rassenkeuze kruiden enkel op kwaliteit

X

Dille

Alternaria-vrij

X

Koriander

Alternaria-vrij

X

Kervel

Alternaria-vrij

X

Andere kruiden

Selectie op kwaliteit, ziekte- en vorstbestendigheid

1.4 Bedrijfshygiënische maatregelen m.b.t. kruiden

X

Reinigen bedrijfsruimtes

Zoveel mogelijk, daarbij bestrijding muizen en ratten wanneer nodig

X

Onderhoud machines

Zoveel mogelijk onderhouden en schoonmaken

X

Vernietigen gewasresten

Na oogst wordt gewas (meestal dekruiden dille koriander en rucola) geklepeld en gefreesd ivm bladschimmels

X

Verwijderen aangetaste planten

Is zelden noodzakelijk

X

Voedselveiligheid

GlobalGap procedures worden globaal gevolgd. Trace en tracking aanwezig d.m.v. perceel en oogst registratie.

1.5 Aaltjesbeheersing- en bestrijding in de kruidenteelt

 

Aaltjesonderzoek

Zelden, niet noodzakelijk ivm vruchtwisseling (6) en teelt, waar mogelijk, van aaltjes resistente groenbemesters en Tagetes / Nemat

 

Gebruik granulaten

Nooit, verboden bij ons.

 

“Ontsmetten (7)”

Nooit, verboden bij ons.

X

Inzaai Tagetes

Waar mogelijk, daarbij altijd voor aanplant nieuwe percelen kruiden: Munt, Rozemarijn en Salie

X

Zwarte braak (8) (Periode kan 12 weken omvatten, herfst)

Voorafgaand aan inplanten Lipbloemige kruiden een langere periode van braak.

X

Biologische grondontsmetting

Mogelijk dit jaar (Plant Health Care, Caliente)

X

Onkruidbestrijding tijdelijk braak land (Periode kan 8 weken omvatten)

Altijd. Middels vals zaaibed (rotorkopeg) of bespuiting met middelen zoals Basta of Round-up worden de in te zaaien percelen ten alle tijden zoveel mogelijk schoon gehouden. Dit mede i.v.m. waardplanten, bijvoorbeeld Herderstasje - Knolvoet

X

Onkruidbestrijding tijdelijk braak land (Periode kan 8 weken omvatten)

Altijd. Middels vals zaaibed (rotorkopeg) of bespuiting met middelen zoals Basta of Round-up worden de in te zaaien percelen ten alle tijden zoveel mogelijk schoon gehouden. Dit mede i.v.m. waardplanten, bijvoorbeeld Herderstasje - Knolvoet in het kruid Rucola

X

Vruchtwisseling

Zie voetnoot (6) Bij de Lipbloemige kruiden – Salie, Rozemarijn etc – wordt daarbij Tagetes beschouwd als zijnde een vruchtwisseling.

 

(6) O.a. het kruid Rucola (Kruisbloemig) en de kruiden Dille Koriander (Schermbloemig) afwisselen.

(7) We doelen hier op middelen zoals Monam die de grond voor langere tijd verruïneren.         

(8) Meestal voor Lipbloemige kruiden een teelt Tagetes in de zomer. Daarna in de grond freezen – augustus - en braak laten liggen. Géén grondbewerking meer, al het onkruid in de toplaag moet kiemen! In het voorjaar – april, mei - kan men dan op schoon land planten.

1.6 Vruchtwisseling en bemesting, besmetting Salmonella

X

Grondonderzoek

Nagenoeg altijd (Spurway) voorafgaand aan elke teelt. Basis in teelt van kruiden.

X

Bodembemesting conform analyse

Altijd, de basis van alles, ook van ziekte beheersing.

X

Bladbemesting conform analyse

Altijd. Met name Mangaan en Calcium hebben onze aandacht ivm sterkte celwanden en blad.

X

Vruchtwisseling I

Lipbloemige kruiden na 4 – 5   jaar verwijderen. Kruisbloemige kruiden niet vaker dan 2 jaar (Knolvoet, Sclerotinia)

Schermbloemige kruiden niet vaker dan 2 jaar (o.a. Alternaria en Rhizoctonia)

Daarbij veelal teelt Tagetes / Nemat voorafgaand aan de kruiden Dille en Koriander.

X

Vruchtwisseling II

Zie voetnoot (6) Bij de Lipbloemige kruiden – Salie, Rozemarijn etc – wordt daarbij Tagetes beschouwd als zijnde een vruchtwisseling.

X

Organische bemesting

Nooit drijfmest ivm Salmonella besmetting

X

Organische bemesting II

Enkel compost (9) MITS Kali-gehalte grond op normaal niveau (10) is. (pH meestal te hoog door teveel Kali, probleem vanuit de ruilverkaveling)

(9) Groencompost blijft op een hoop liggen – 60 dagen – voordat deze verspreid wordt over het land ivm Salmonella besmetting,indien direct gezaaid wordt.

"Van Iersel Compost" kan direct over het land verspreid worden.

(10) 400 kg K 2O/ hectare wordt door ons als hoog beschouwd. Evenwel is dit gelieerd aan MgO

§ 2 Noodzaak bestrijding

2.1 Inleiding bestrijding ziekten en plagen in kruiden

Perceelkeuze. Het is van groot belang te kijken of een perceel geschikt is voor een kruidenteelt in verband met mogelijk optredende ziekten en plagen.

Voor een gedeelte hoort onderstaande problematiek thuis bij de vorige paragraaf “preventie”. Edoch, tal van bestrijdende maatregelen worden reeds genoemd, o.a. het bestrijden van onkruiden. Vandaar dat preventie- problematiek op deze plek is beschreven.

-            Historie bepaalt of een teelt mogelijk is, mede bezien vanuit vruchtwisseling.

-            Onkruid-druk (11) en voorkomen van waardplanten (12) zijn bepalend voor teeltkeuze van diverse kruiden.

-            Bodemstructuur (13) en bemestingsniveau kan van groot belang zijn.

 

Ter voorkoming van (biologische) bestrijding van onkruiden, ziekten en plagen, is het van essentieel belang dat percelen voldoen aan bovenstaande criteria (14). Immers “discutabele percelen” zullen nopen tot (onnodige) inzet van bestrijdingsmiddelen.

(11) Met name klein Kruiskruid

(12) Met name van belang voor de teelt van Rucola, o.a. Herderstasje.

(13) Met name een slecht doordringbare ondergrond – tussen 30 en 60 cm – kan fnuikend zijn voor een teelt, met name voor dille c.q. Schermbloemige kruiden.

(14) Uiteraard is dit een zeer beperkte opsomming van factoren, maar alle meest relevante factoren zijn hier benoemd.

2.2 Historie perceel.

 

Nieuw perceel

Gewas voorafgaand

Stand voorafgaand gewas

Risico

X

 

Boomkwekerij (15) (16)

goed

geen

 

 

 

slecht

JA! Geen kruidenteelt mogelijk (17)

X

 

Tagetes

goed

geen

 

?

 

 

slecht

Grond- en bodemonderzoek bepaalt mogelijke keuze

 

?

 

Anderszins, bijv. weiland, bieten of mais.

Voorkomen van meerjarige onkruiden zoals distels of waardplanten?

Per geval beoordelen. Na bieten liever niet het kruid Rucola

 

 

Teelten zoals wortelen of kool

 

JA! Geen kruidenteelt mogelijk

X

Eigen percelen

Rucola

goed

Rucola mogelijk

 

 

Rucola

matig, en o.a. waardplanten

JA! Geen kruidenteelt mogelijk

X

 

Dille en Koriander

goed

Kruiden Dille en Koriander mogelijk

?

 

Dille en Koriander

Matig en veel straatgras

Liever niet

X

 

Rucola versus Dille en Koriander wisselen

goed

Geen risico

 

?

 

Rucola versus Dille en Koriander wisselen

matig

Ja, tussenteelt Tagetes gewenst. Liever perceel laten liggen

 

X

 

Lipbloemige kruiden, meerjarige teelten

Nvt (Meestal Tagetes voorafgaand)

Bij achteruitgang gewas, gewas verwijderen en perceel laten liggen

X

 

 

Tagetes

NVT

Geen risico

(15) Uitgezonderd coniferen en taxus, zelden goede teelten mogelijk.

(16) Reputatie kweker wordt meegewogen in beslissing.

(17) Vermoedelijk hoog residu van bodemherbiciden aanwezig, valt daardoor automatisch af, voedselveiligheid.

2.3 Onkruiddruk

 

 

Alle percelen

Onkruiden

Mate waarin

Risico

X

 

 

Waardplanten betreffende knolvoet

Historie weegt mee

Bij twijfel geen Rucola

X

 

 

Grassen

Historie weegt mee

Wellicht slechte bodemstructuur, lastig voor de kruiden Dille en Koriander

X

 

 

Klein Kruiskruid

Historie weegt mee

Liever geen Rucola

X

 

 

Meerjarige onkruiden zoals distels en kweek

Grondig vernietigen

Geen lipbloemige kruiden voordat deze definitief verwijderd zijn.

2.4 Bodemstructuur en bemestingsniveau

 

 

Structuur

Grondbewerking

Resultaat

Risico

X

 

Structuur in orde (18)

Spitten of ploegen of diepzaaiklaarmaak-machine(19)

(nvt)

Geen risico

X

 

Structuur in diepere laag niet in orde (20)

Diepwoelen

Kan soms tegenvallen

Indien diepwoelen niet goed lukt is dille niet goed mogelijk.

 

 

Bemestingsniveau

Grondmonster

Corrigeerbaar??

Risico

X

 

 

Grondmonster toont nitraatniveau boven de 175 kilogram / hectare

Is niet direct corrigeerbaar

JA. Kans op te hoog nitraatgehalte in het gewas waardoor ziekten en plagen snel kunnen optreden. Voedselveiligheid komt mogelijk in gevaar!!!

X

 

 

Grondmonster toont laag calciumgehalte (21) onder de 800 kg/hec CaO

Ca als bladvoeding bijmesten

Gering

X

 

 

Grondmonster toont laag calciumgehalte onder de 650 kg/hec CaO

Moeilijk corrigeerbaar met bladvoeding

JA. Afzien van teelt, tenzij bekalking of "gipsen"mogelijk is (22).

(18) Middels stukje omspitten makkelijk vast te stellen. Daarbij moet grond “fris / bosachtig ” ruiken. Ook diepere laag – tot 60 cm – moet in orde zijn. Ook blijvende plassen geven inzicht in bodemstructuur

(19) Bij kruiskruid liefst ploegen.

(20) Bijvoorbeeld veroorzaakt door tractoren en natte omstandigheden. Ondergrond stinkt.

(21) Een laag Calciumgehalte veroorzaakt tere celwanden waardoor insecten, gevolgd door bacteriën en schimmels, makkelijk binnendringen.

(22) Als groencompost het jaar daarvoor is toegediend, is er bij dit Ca-getal gedurende de teelt toch voldoende Ca.

2.5 Gewasinspectie                             

Gewas - kruiden - worden op de volgende punten gecontroleerd.

X

Waardplanten

Waardplanten zoveel mogelijk in het bestaande gewas direct verwijderen, o.a. Herderstasje (knolvoet) Dovenetel (meeldauw) Kruiskruid (roest)

X

Bestrijding Kruiskruid

Kruiskruid is licht giftig. Kan tussen gesneden bossen  (23) terecht komen. Strikte bestrijding van Kruiskruid in in de kruiden Dille, Koriander en Rucola.

X

Regelmatige gewascontrole

Altijd, is dagelijkse kost.

 

Vangplaten en andere middelen

Niet relevant en draagt bij aan het verslappen van de aandacht.

(23) Vorig jaar waren er problemen met Duitse Rucola ivm aanwezigheid kruiskruid

2.6 Beslissingsondersteunende maatregelen.

 

Voor kruidenteelt is geen waarschuwingssysteem m.b.t. plagen zoals bijv. bij phytophtora.

 

X

Visuele controle

Acceptabele schadedrempel wordt middels visuele controle vastgesteld.

 

§ 3 Inzet (biologische) bestrijdingsmiddelen.

Herbiciden, insecticiden, fungiciden en biologische middelen in de kruidenteelt

3.1 Kennisgeving hulpstoffen (24):          T.a.v. het veelvuldige gebruik van uitvloeiers, hechtmiddelen, driftreducerende middelen en “actieve kool” op onze kruidenkwekerij.

Uitvloeiers:       Om een vermindering van het gebruik van bestrijdingsmiddelen te realiseren (25) voegen wij stelselmatig hulpstoffen c.q. uitvloeiers toe. Immers een uitvloeier verspreid het middel beter over het blad, waardoor de opname van het middel geoptimaliseerd wordt en minder middel nodig is. Hier gebruiken wij o.a. Yucca-olie, Grounded, etc. voor.

Hechtmiddelen:            Om bodemherbiciden zoals Asulox en Linuron in de bovenlaag van de grond te houden, waardoor zij daar langduriger kunnen werken, en om nutteloze uitspoeling (26) te voorkomen, voegen wij altijd hechtmiddelen toe zoals Grounded.

Drift:    Ter voorkoming van drift, o.a. betreffende het gebruik van middelen zoals Round-Up, Linuron of Basta, maken wij veelvuldig gebruik van een drift-reducerend middel zoals Grounded of Codacide.

“Actieve Kool”:           Dit is een weinig bekende techniek waarbij een actieve kool – huminezuur- toegevoegd wordt aan bladherbiciden zoals Round-Up en Basta. Hierdoor wordt de opname van het middel bevorderd. Daarbij wordt de afbraak van het bestrijdingsmiddel door bacteriën in de grond gestimuleerd. Deze methodiek wordt toegepast op specifiekere onkruidsoorten – met name de kleine Brandnetel, vrij ongevoelig voor bijv. Round-Up -   en op percelen in nabijheid van het natuurgebied Kaldenbroek. Dit laatste uiteraard om de biodiversiteit zo min mogelijk te belasten.

Het gebruik van deze middelen geschiedt vanuit jarenlange ervaring. De vele goede resultaten hiermee behaald moedigen ons aan hiermee door te gaan.

(24) Voor het gebruik van hulpstoffen wordt het etiket gevolgd. Daar deze hulpstoffen geen toelatingsnummer hebben wordt het gebruik van deze hulpstoffen niet geregistreerd.

(25) Uiteraard betreft het hier een streven om het milieu zo min mogelijk te belasten.

(26) Het betreft hier uiteraard ook schade aan het grond- en oppervlaktewater, wat te allen tijde voorkomen dient te worden.

3.2 (bodem) herbiciden

-            Toelatingen:     Enkel de onkruidbestrijdingsmiddelen Basta (27), Round-up Max (28), Linuron (29) Asulox (30) en MCPA (U46 MCPA) (31) zijn toegestaan in de teelt van kruiden.

-            Concentratie middelen: De hoeveelheid middel (Basta en Round-up) worden aangepast n.a.v de onkruidgrootte. Er wordt te allen tijde naar gestreefd het onkruid in het kleinste stadium aan te pakken, onkruid is in klein stadium het meest gevoelig.

-            De middelen Linuron en Asulox worden aangepast aan de grondsoort en de onkruiddruk.

Middel                                                 Toepassing

X

Basta

Kleine onkruiden voor het zaaien, ter afwisseling met Round-up (32). Soms akkerranden.

X

Round-up (33)

Onkruiden (klein) voor het zaaien. Akkerranden, langs gaas. Percelen schoon houden, o.a. zwarte braak. Veelal in combinatie met rotorkopeg-bewerking.

X

Round-up

Pleksgewijze aanpak van o.a. Paardenbloem in o.a. de kruiden Rozemarijn, Mint, Salie. 30% Round-up, 70 % water, met kwastje aanstippen.

X

Round-up

Soms pleksgewijze aanpak van nesten onkruid (34) op het perceel met de rugspuit.

X

Round-up

Middels kap en rugspuit in rijenteelten zoals in de kruiden Rozemarijn en Salie

X

MCPA

Enkel met rugspuit pleksgewijze aanpak meerjarige onkruiden. Geschiedt zelden.

X

Asulox

In zeer lichte dosering (0,5-1 liter / hectare) toegepast in diverse kruidenteelten, met name direct na het zaaien en planten. In hogere doseringen (tot 3 liter) in één of meerjarige aanplanten.

X

Linuron

In de kruiden Dille en Kervel, direct na het zaaien. Nooit na opkomst zoals beschreven in toelating 10372N

(27) glufosinaat-ammonium Formulering:vloeistof, gehalte 200 g/l toelatingsnummer:8906N

(28) glyfosaat. Met water mengbaar concentraat (vloeistof), gehalte 450 g/l. toelatingsnummer: 12545N.

(29) linuron, formulering vloeistof, gehalte 500 gr / L, toelatingsnummer 10372 (N)

(30) asulam,formulering vloeistof, gehalte 400 gr / L, toelatingsnummer 5282

(31) MCPA, formulering vloeistof, gehalte 500 gr / L, toelatingsnummer 7737 N

(32) Ondanks dat Basta veel duurder is als Round-up wisselen we hier mee af. Met name kleine Brandnetel lijkt resistentie op te bouwen tegen Round-up.

(33) Ondanks dat Round-up Max een krachtige uitvloeier lijkt te bevatten in de thans verkochte formulering is het toevoegen van Grounded dan wel Yucca-olie, als zijnde een extra uitvloeier, wenselijk als er op een perceel veel kleine Brandnetel voorkomt. Huminezuur kan ook een oplossing zijn als het onkruid wat groter is. Ook is extra bijvoegen van Grounded wenselijk als er veel wind staat, drift-reductie

(34) Het betreft hier de aanpak van o.a. nesten kleine brandnetel (ontsnapt aan eerdere bestrijding) op grotere percelen. Deze worden dan systematisch nagelopen. De onderkant van het blad wordt dan getracht te raken, opname door huidmondjes.

3.3   insecticiden

-            Toelatingen in de kruidenteelt: Plenum en Spruzit

Plenum:

Plenum is toegelaten in de kruidenteelt, citaat (35) document 12491:

BIJLAGE I bij het besluit d.d. 21 mei 2007 tot uitbreiding van de toelating van het middel Plenum 50 WG,

toelatingnummer 12491 N ; Toegestaan is uitsluitend het gebruik als insectenbestrijdingsmiddel (36):

f.           In de teelt van sla (met uitzondering van veldsla), andijvie en kruiden

Het middel Plenum is niet in ons bezit.

Spruzit:

Spruzit is NIET toegelaten in de kruidenteelt, wel in de groenteteelt, citaat (37) document 07229:

Toegestaan is uitsluitend het gebruik als insektenbestrijdingsmiddel in klein fruit-, groente- en siergewassen.

Het gebruik van Spruzit (38) (39) geschiedt enkel in de teelten van Rucola en Tuinkers (40). Rucola valt onder de groenten (41) citaat SOT-lijst Bijlage A, categorie 4 Groenteteelt, 4.1.6. Raapstelen (incl. rucola)Tuinkers idem:  4.1.26. Tuinkers

Opmerking Spruzit. Ondanks dat dit eigenlijk een biologisch middel is, toegestaan overal ter wereld in de biologische landbouw, zijn wij van mening dat dit een insecticide is. Vandaar de opname onder de kop “Insecticiden”.

            Middel                                                 Toepassing

 

Plenum

Is niet in ons bezit (maart 2010)

X

Spruzit

Gebruik in het kruid Rucola bij kevers en larven van een bepaald motje. Het betreft hier met name vraat.

Opmerkingen gebruik insecticiden:

Het bestrijden van insecten heeft niet onze voorrang. Door juiste rassenkeuze, juiste (blad) bemesting en grondbewerking treden er sporadisch plagen op. Daarbij zijn kruiden veel minder gevoelig voor aantastingen door insecten. Zie voor verdere informatie deel IV, biologische bestrijding.

(35) http://www.ctb.agro.nl/ctb_files/12491.doc

(36) Betreft bladluizen en kaswittevlieg

(37) http://www.ctb.agro.nl/ctb_files/07229.doc

(38) piperonylbutoxide 160 gr / L, pyrethrinen 40 gr / L formulering vloeistof, toelatingsnummer 7229

(39) Veiligheidstermijn twee dagen, bron ctb.

(40) Het betreft hier de doorgegroeide Tuinkers

(41) http://www.ctb.agro.nl/pls/portal/url/ITEM/C546431E7EEF4ED49175EF83D9E80BBD

3.4 Fungiciden.

-            Toelating: Revus (42) (43).

Sinds vorig jaar (2009) is het middel Revus toegelaten in de kruidenteelt van Rucola. Het betreft een middel voor de bestrijding van valse meeldauw. Valse meeldauw kan onder natte omstandigheden een zeer serieus probleem zijn waardoor oogsten kunnen mislukken, dan wel dat er fors kwaliteitsverlies optreedt.

Dit probleem begint al direct na kieming / opkomst van het gewas. Met name treedt deze schimmel aan de onderkant van het blad het gewas binnen. Kiembladen en eerste blaadjes zijn gelijk besmet en besmetten, mits het langer vochtig blijft zoals in het voorjaar of najaar, de verder bladgroei.

In het najaar 2009 hebben wij voor dit probleem het biologische middel Sentry R ingezet. Dit middel werkt goed, zolang men het hele blad kan bevochtigen. Helaas bleek het zeer lastig te zijn om kiembladen – die zeer plat op de bodem liggen – voldoende te bevochtigen aan de onderzijde. Hierdoor is de infectiedruk vanaf de aanvang onacceptabel groot, waarbij vele bladeren in het geoogste product toch een besmetting tonen, hetgeen de productkwaliteit benadeelt.

Dit overwegende is besloten het middel Revus in te gaan zetten direct in het kiembladstadium. Mocht het noodzakelijk zijn deze behandeling te herhalen (44) in het eerste dan wel het tweede bladstadium, dan overwegen wij dit ook. Gelijktijdig schakelen wij over op het biologische middel Sentry R (45).

Op deze wijze werkend menen wij dat het geoogste product een minimaal residu betreffende het middel Revus zou kunnen bevatten. Immers kiembladen en de eerste twee echte bladen worden zelden geoogst, deze bladen zijn te klein en vallen uit de bos tijdens het snijden. Ook is op deze wijze in een zeer vroeg stadium dit middel toegepast waardoor – door bladuitgroei, weer- en klimaatinvloeden (46), fysiologische processen in de plant, etc. – een mogelijk residu zo goed als uitgesloten is.

Daarbij is de veiligheidstermijn van dit middel 7 dagen, waar we middels deze werkwijze onder blijven.

(42) Mandipropamid, 250 gr / L, formulering vloeistof (suspensieconcentraat) toelatingsnummer 12969

(43) Toegestaan is uitsluitend het gebruik als schimmelbestrijdingsmiddel door een gewasbehandeling in:

            b) de bedekte en onbedekte teelt van slasoorten (inclusief rucola maar exclusief veldsla) en

             andijvieachtigen; maximaal 2 keer per teelt worden toegepast in de onbedekte teelt van slasoorten (inclusief rucola maar exclusief veldsla) en andijvieachtigen; Veiligheidstermijn: 7 dagen voor slasoorten en andijvieachtigen Bron: CTB: http://www.ctb.agro.nl/ctb_files/12969.doc

(44) Dit middel mag twee maal in een teelt gebruikt worden, bron CTB

(45) Voor Sentry R is geen veiligheidstermijn, het is een volledig biologisch middel

(46) Vele stoffen breken af o.a. onder invloed van UV-licht.

 

Tijdstabel inzet Revus en Sentry voor de bestrijding van meeldauw in het kruid Rucola

Week

1

2

3

4

5

6

Plantstadium

Kieming

Kiemblad en eerste blad

Tweede blad

Start forsere groei

Uitgroei

Oogst

Middel

 

Revus

Revus en Sentry R

Sentry R

Sentry R

 

Veiligheids termijn

 

Naar week 3 (7 dagen)

Naar week 4 (7 dagen)

 

Veiligheidstermijn verstreken

 

 

3.5 Biologische middelen en teelttechnieken.

Niet chemische bestrijdingsmethodieken m.b.t. onkruiden, insecten en schimmels / bacteria

Onkruiden

X

Kiemende en gekiemde onkruiden

Vals zaaibed. Maximaal twee maal (47) kan middels rotorkopeg-bewerking aanwezig klein onkruid vernietigd worden.

X

Onkruidkieming - stimulerende maatregelen

Bij nieuwe aanplant van bijv. Mint kan doek in het voorjaar helpen de onkruidkieming op gang te brengen. Zodoende is er sneller meer (en massaler) onkruid gekiemd waarna bijvoorbeeld een rotorkopeg-bewerking kan worden toegepast.

X

Aanwezig lokaal onkruid

De schoffel

(47) Dit ivm schade aan bodemstructuur.

Insecten

X

Trips in lipbloemige kruiden Munt, Salie Citroenmelisse en Oregano

Water geven! Het is dan bijna altijd te droog.

 

Luizen in Dille

Luizen komen meestal op Dille af tijdens schrale koude voorjaarswinden. Wachten op Lieveheersbeestjes. Een oogst wordt hiervoor opgeofferd. Daarna zijn er zoveel Lieveheersbeestjes dat de rest van het jaar geen luis zich nog waagt.

Daarbij, mochten er een keer luizen zijn, tja, dan wast men de Dille maar

X

Vraat in Rucola

Spruzit, biologisch insecticide. Herhaling van dit middel geschiedt enkel na controle van het gewas. Meestal zijn twee behandelingen met een interval van 5 dagen voldoende om de ernstigste belagers te reduceren. Immers, er mag wel een gaatje in het blaadje zitten.

 

Andere kruiden

Geen noemenswaardige aantasting door insecten

X

Kruiden algemeen

Waar mogelijk de aanleg van heggen of anderszins (48) waarin o.a. sluipwespen en andere insectenbestrijders een uitvalsbasis hebben

(48) Zo leggen wij voor bijen en andere insecten dit jaar mint   / oregano stroken aan. Dit dient tevens als een soort van buffer naar aanliggende percelen, om eventuele drift van middelen op te vangen.

Schimmels en bacteriën

X

Alternaria in de kruiden Koriander Kervel en Dille

Perceel en rassenkeuze (Leverancier!!)

Daarnaast tijdens nattere perioden Sentry R (49) en de uitvloeier Yucca olie (50)

X

Alternaria in de kruiden Koriander Kervel en Dille

Op percelen met laag Calcium, Calcium bladbemesting. Deze kan bestaan uit Calciumnitraat, echter onze voorkeur gaat uit naar PHC Natural Green ® (51)

X

Preventie peterselieziekte

Proeven met “Compete Plus (52, 53) ” wortelbacteriën voor verbetering van het bodemleven zijn in ontwikkeling.

X
Rhizoctonia Proeven met Brassica-soorten met hoog glucosinolaat-gehalte lopen, o.a. Nemat, Bladramanas en gele Mosterd

X

(Valse) meeldauw in Salie

Sentry R en de uitvloeier Yucca olie

X

Valse meeldauw in Rucola

Sentry R en de uitvloeier Yucca olie

X

(Valse) meeldauw in Oregano, sporadisch.

Sentry R en de uitvloeier Yucca olie

 

Andere kruiden

Geen noemenswaardige aantastingen

X

Stimulering afbraak chemische bestrijdingsnmiddelen in de bodem

-   Volveldsbespuitingen met o.a. Yucca-olie en huminezuren om chemische middelen – en de afbraakproducten hiervan -   middels activering van   bodemleven sneller af te breken.  

-   Proeven met “Compete Plus (54) ” wortelbacteriën voor verbetering van het bodemleven zijn in ontwikkeling.

(49) Sentry R blijkt preventief te werken tegen alternaria, met andere biologische middelen lopen proeven

(50) http://www.planthealthcare.eu/files/productdatasheets/Yuccah.pdf, klik hier

(51) http://www.planthealthcare.eu/files/productdatasheets/Natural%20Green.pdf, klik hier

(52) http://www.planthealthcare.eu/files/productdatasheets/Compete%20Plus.pdf, klik hier

(53) Compete ® Plus bevat gegarandeerd geen Pseudomonas aeruginosa

(54) http://www.planthealthcare.eu/files/productdatasheets/Compete%20Plus.pdf, klik hier

 

§ 4 Best beschikbare technieken en emissiereducerende maatregelen

4.1 Inleiding

Binnen onze bedrijfsfilosofie past het niet:

-            Om chemische bestrijdingsmiddelen het milieu “in te laten waaien”.

-            Om chemische bestrijdingsmiddelen het milieu “in te laten verdampen”.

-            Om chemische bestrijdingsmiddelen in het oppervlakte- en grondwater te laten komen.

 

4.2 BBT en emissiereducerende maatregelen

Om dit te realiseren hebben wij de volgende best beschikbare technieken en emissiebeperkende maatregelen genomen.

 

1           Teeltvrije zones, met daarin mogelijke aanplant van een vanggewas (windscherm) om mogelijke drift op te vangen.

2           Gebruik van kantdoppen.

3           Gebruik van 90% drift reducerende doppen voor chemische bestrijdingsmiddelen

4           Gebruik van driftreducerende hulpstoffen.

5           Gebruik van hechtende hulpstoffen.

6           Gebruik van bodembacterie-activerende stoffen zodat chemische middelen versneld afgebroken worden.

7           Nooit toepassen van bestrijdingsmiddelen bij hoge windsnelheden en hoge temperaturen.

8           Lastige hoekjes etc worden met de rugspuit bijgewerkt. Zodoende worden op deze plekken o.a. waardplanten ook bestreden. Daarbij gebruik van spuitkap.

8           Het toepassen van een beschermkap om de spuitdoppen (tractor) heen. Deze kap hangt 3 cm boven de grond. Hierdoor heeft wind minimaal vat op de druppels en komt al het gebruikte middel terecht daar waar wij het willen hebben. Met deze kap wordt over – vooraf vastgelegde - spuitbanen gereden.

5 Registratie gewasbeschermingsmiddelen

Onderstaand formulier gebruiken wij m.b.t. de registratie van de door ons gebruikte gewasbeschermingsmiddelen.

De biologische middelen en de uitvloeiers worden door ons niet geregistreerd, dit i.v.m. bedrijfsgeheimen van onze kruiden kwekerij.

 

REGISTRATIEFORMULIER 2010

BESTRIJDINGSMIDDELEN (1, 2, 3, 4, 5)

Datum

Perceel

Middel

L / kg hect

Hoev middel

Besp opp

Veiligheids T

Opm.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

(1) Toepasser is Wout Hendrickx, Licentienummer 31 2008 0022907   Zie kopie in werkmap

(2) Tractor: 4 e versnelling, 2,5 ato, bruine driftreducerende dop, 1100 toeren = ongeveer 3 meter per liter tankvloeistof

(3) Rugspuit: Normaal lopen ongeveer 2500 – 2700 vierkante meter met volle spuit

(4) Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden

(5) Gewasbeschermingsmiddelen en biociden, gewasbeschermingsplan en administratieplicht

Naar boven

Terug naar pagina Risico inventarisatie en evaluatie kruiden, klik hier

Bijlage I Verplichtingen Gewasbeschermingsplan

Gewasbeschermingsmiddelen en biociden, gewasbeschermingsplan en administratieplicht

Beschrijving

U bent verplicht een gewasbeschermingsplan op te stellen als u van plan bent gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken. In het gewasbeschermingsplan geeft u aan op welke manier in uw bedrijf uitvoering wordt gegeven aan goede gewasbeschermingspraktijken en geïntegreerde bestrijding bij de teelt van gewassen.  De uitgangspunten voor goede gewasbeschermingspraktijken en geïntegreerde bestrijding vindt u in de bijlage van het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Er is geen vaste formule voor het maken van een gewasbeschermingsplan. Het moet toegankelijk zijn opgesteld. Er is een standaardformulier in voorbereiding, maar u bent niet verplicht dit te gebruiken. Het is slechts bedoeld als hulpmiddel.
Het plan moet verder aanwezig zijn op het bedrijf van de gebruiker en iedereen moet het kunnen inzien.

Administratie
U moet een administratie bijhouden met de volgende gegevens:

  • de naam en het toelatingsnummer van het gewasbeschermingsmiddel, zoals die op de verpakking van het gewasbeschermingsmiddel zijn vermeld;
  • de datum, waarop het gewasbeschermingsmiddel is gebruikt;
  • het perceel met de oppervlakte waarop het gewasbeschermingsmiddel is gebruikt;
  • de gebruikte hoeveelheid van het gewasbeschermingsmiddel.

Vrijstelling
Gebruikers die een biologische productiemethode toepassen volgens het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode zijn met betrekking tot de teelten die volgens een biologische productiemethode plaatsvinden, vrijgesteld van het opstellen van een gewasbeschermingsplan en het voeren van een administratie.

Voorwaarden

U moet een gewasbeschermingsplan opstellen en een administratie bijhouden als u:

  • gewasbeschermingsmiddelen toepast bij de teelt van gewassen, bij de behandeling van geoogste planten of ander plantaardig materiaal;
  • gewasbeschermingsmiddelen in bezit of voorraad heeft met het plan deze te gebruiken op verharde oppervlakten.                  

Bijlage II

Bijlage bij artikel 26, tweede lid, van het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden

 

Beginselen van goede gewasbeschermingspraktijken en geïntegreerde bestrijding als bedoeld in artikel 26, tweede lid.

1. Op het gebied van preventie:

a. het inzichtelijk maken van de grondgebonden ziekten, plagen en onkruiden die zich, gelet op het soort grond waarop geteeld wordt, redelijkerwijs in de betrokken gewassen kunnen voordoen;

b. het gebruiken van ziekten- en plaagvrij uitgangsmateriaal;

c. het bij voorkeur gebruiken van rassen die resistent zijn tegen ziekten en plagen;

d. het treffen van bedrijfshygiënische maatregelen;

e. het hanteren van beheersings- en bestrijdingsstrategieën tegen aaltjes; en

f. het toepassen van vrucht- en teeltwisseling met het oog op het realiseren en instandhouden van een goede bodemkwaliteit en diversiteit van bodemorganismen.

2. Op het gebied van het vaststellen van de noodzaak tot bestrijding: het uitvoeren van gewasinspecties.

3. Op het gebied van bestrijding zonder toepassing van gewasbeschermingsmiddelen:

a. het inzetten van natuurlijke ziektebestrijders en plaagbestrijders alsmede het instandhouden of bevorderen van hun activiteiten; en

b. het toepassen van mechanische en andere vormen van onkruidbestrijding.

4. Op het gebied van toepassen van gewasbeschermingsmiddelen:

a. het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen bij voorkeur door middel van zaadbehandeling, plant- of pootgoedbehandeling dan wel stekbehandeling;

b. het rekening houden bij de keuze van in te zetten gewasbeschermingsmiddelen met hun milieueigenschappen en selectiviteit, alsmede met de gevolgen daarvan voor de arbeidsbescherming bij en na toepassing van die middelen;

c. het pleksgewijs toedienen van gewasbeschermingsmiddelen;

d. het toepassen van systemen voor lage dosering van gewasbeschermingsmiddelen bij onkruidbestrijding; en

e. rekening houden met (extreem) natte omstandigheden door zoveel mogelijk gebruik te maken van een systeem met vaste spuitbanen.

 

Voetnoot: Wij zijn van mening dat ons gewasbeschermingsplan m.b.t. de teelt van kruiden voldoet aan bovenstaande tekst.

Terug naar pagina Risico inventarisatie en evaluatie kruiden, klik hier

Naar boven